Opinie: van afvalinzamelaar naar grondstoffenmanager

Welke organisatievorm binnen de afvalinzameling dient het grootste belang van burger en samenleving? Deze vraag staat centraal in dit artikel. Overigens is van belang te vermelden dat de overheid (lees: gemeenten) de wettelijke zorgplicht hebben de afvalinzameling te organiseren, hetgeen echter niet inhoudt dat zij deze taak ook zelf dient uit te voeren.

Door Edo Dokter, manager staf Twente Milieu

Er zijn feitelijk een drietal organisatievormen voor de afvalinzameling in Nederland te herkennen: een gemeentelijke organisatie, een commerciële aanbieder of een overheids-N.V. De laatst genoemde dient naar mijn mening het belang van de burger het best. Als eigenaar via het aandeelhouderschap kunnen gemeenten hun bestuurlijke en politieke invloeden uitoefenen op het beleid van de onderneming. Vooral nu afvalinzamelaars zich steeds meer ontwikkelen tot grondstoffenmanager is het van belang dat overheden betrokken blijven bij de beleidsontwikkelingen. De term “grondstoffenmanager” duidt op de ontwikkeling om afvalstromen nog meer van elkaar te scheiden tot goed verhandelbare grondstoffen, teneinde primair het hergebruik te stimuleren. Bovendien leveren gescheiden grondstoffen aan de bron veel meer geld op dan het achteraf scheiden door een afvalverwerker.

Aan de andere kant kunnen gemeenten de vruchten plukken van de marktwerking binnen een dergelijk construct. Immers, een overheids-N.V. bevindt zich wel degelijk in een markt met andere aanbieders en zal vanwege het efficiencybelang dat voor haar aandeelhouders minstens zo belangrijk is, zich ook moeten manifesteren als een bedrijf waar de economische wetmatigheden van de tucht van de markt gelden. Als eigenaar profiteren gemeenten het meest van de efficiencyvoordelen die voortkomen uit schaalvergroting en de stijgende marktprijzen van grondstoffen en behouden zij invloed op de totstandkoming van het beleid.

Naast deze ”money-driven” factoren, liggen er voor de eigenaren van het bedrijf ook andere kansen. Zij kunnen hun eigenaarschap meer betekenis geven door concreet aandacht te vragen voor werkgelegenheidsbeleid van het bedrijf waarvan zij aandeelhouder zijn. Afvalinzamelingsbedrijven bieden namelijk goede mogelijkheden voor instroom van burgers met een zogenaamde “afstand tot de arbeidsmarkt” (mensen met een indicatie van de Sociale Werkvoorziening, Uitkeringsgerechtigden, etc.). Op deze wijze snijdt het mes aan twee kanten: afvalinzamelingsbedrijven halen deels hun personeelspotentieel uit deze doelgroep en kunnen hen via enkele relatief eenvoudige functies doorstroomkansen bieden naar de complexere functies binnen het bedrijf. Dit helpt gemeenten om hun werkgelegenheidsdoelstellingen te realiseren.

Bij een goed draaiende afvalinzamelaar delen gemeenten mee in het succes van de efficiencyslagen die gemaakt worden als gevolg van schaalvergroting en burgers kunnen als gevolg daarvan profiteren van een lagere afvalstoffenheffing. Aan de andere kant zorgen de stijgende grondstofprijzen voor een hoger bedrijfsrendement, wat de gemeenten als dividend of opgebouwd eigen vermogen ten goede komt. Dit hoger rendement kunnen de eigenaren van het bedrijf aanwenden om bijvoorbeeld voorzieningen te creëren die het maatschappelijk belang dienen. Dit is een interessant alternatief voor het rendement dat wordt behaald door commerciële aanbieders  wat in de regel niet wordt aangewend voor het collectief belang. Om deze redenen ben ik een warm pleitbezorger voor afvalinzameling middels een overheids-N.V. omdat het belang van burger, overheid en samenleving hier het meest bij gebaat is.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *